Van de voorzitter

21 april 2016

‘Matching 2.0’

De gemeente Amsterdam en de vereniging van Amsterdamse schoolbesturen, de OSVO, hebben besloten om opnieuw te kiezen voor een matchingmethode om de overgang van leerlingen van basisschool naar een Amsterdamse middelbare school in goede banen te leiden. Hoewel er voldoende plaats is op de Amsterdamse middelbare scholen voor alle leerlingen uit groep 8, is het verdelen van de leerlingen over de middelbare scholen al jaren een ingewikkeld vraagstuk voor alle partijen, leerlingen en hun ouders, scholen en de politiek.

Wat is er aan de hand?
Basisschoolleerlingen van groep 8 in Amsterdam kunnen uit een groot aantal middelbare scholen kiezen, van vmbo tot en met gymnasium, van Montessori tot Technasium. Er zijn ruim voldoende plaatsen voor alle leerlingen, maar niet alle scholen zijn even populair bij leerlingen en ouders. Er zijn jaarlijkse trends, een school met een nieuw gebouw is bijvoorbeeld populair; kleinschalige middelbare scholen zijn gewilder dan omvangrijkere scholengemeenschappen. Daarnaast zijn er trends, die over een langere periode zichtbaar zijn. Bijvoorbeeld de lycea in Amsterdam Zuid zijn al jaren populairder dan soortgelijke scholen in Zuidoost, Noord en Nieuw West; de leerlingen met een vwo-advies willen naar kleinschalige categoriale scholen. Het aantal vmbo-leerlingen neemt landelijk af en dit is ook zichtbaar in Amsterdam.

Loting en matching?
Doordat niet alle middelbare scholen even populair zijn, is er elk schooljaar de vraag: hoe worden de plekken op deze populaire scholen verdeeld? Vorig schooljaar heeft de OSVO gekozen voor het nieuwe matchingsysteem; een lotingsysteem op basis van meerdere voorkeuren van leerlingen. De OSVO wilde niet meer dat er zoveel kinderen (circa 10%), soms wel in twee rondes, werden uitgeloot met als gevolg dat zij geen plek kregen op een school waar zij ook naartoe wilden. De wens was dat leerlingen hun echte voorkeuren opgaven en niet zoals bij de loting strategisch zouden kiezen in de hoop in de eerste ronde ergens binnen te komen. In juni is teruggeblikt op het eerste matchingjaar en het heftige publieke debat dat daarover was ontstaan. Het debat had onder meer betrekking op gebrekkige communicatie, de mogelijkheid tot ruilen en het plaatsen op een willekeurige school. Uiteindelijk is na evaluatie en een door de gemeenteraad gesteunde ouderpetitie gekozen voor een alternatief matchingsysteem, waardoor meer leerlingen geplaatst worden op de eerste voorkeur.

Matching 2.0?
Matching 2.0 is een lotingsysteem, waarbij alle leerlingen één lotnummer ontvangen en in de volgorde van dit lotnummer geplaatst worden op de school van de hoogste voorkeur. Op deze manier komen meer leerlingen op hun eerste voorkeur en is ruilen niet mogelijk. Een klein aantal leerlingen, met een ongunstig lotnummer komt op een school van een lage voorkeur. De OSVO heeft veel aandacht besteed aan de communicatie over de overgang van de basisschool naar de middelbare school, inclusief de matching. De matching is opnieuw technisch goed uitgevoerd en de toewijzing is conform verwachting. Uiteraard zal er ook dit schooljaar een evaluatie plaatsvinden om tot een verdere verbetering te komen.

Hoe eerlijk is loten en matchen?
De spelregels voor loten en matchen zijn transparant; alle leerlingen en hun ouders kennen de afspraken; de afspraken worden strikt gehanteerd en extern getoetst door een notaris. Ondanks deze ‘collectieve’ rechtvaardigheid, blijken deze spelregels lastig te accepteren als jouw kind geconfronteerd wordt met een ongunstig lotnummer en een bijbehorende uitslag. 16% van de leerlingen gaat niet naar de school van eerste voorkeur. Voor pechvogels is het extra zuur, omdat zoveel andere leerlingen wel blij zijn. Tegen deze teleurstelling is geen enkel systeem opgewassen.

Bestuurlijke opdracht van de OSVO
De verenigde Amsterdamse schoolbesturen hebben de opdracht om een gevarieerd, eigentijds en kwalitatief sterk schoolaanbod te realiseren voor de verschillende afdelingen in Amsterdam. Binnen het RPO zijn daarover afspraken gemaakt. Populariteit is een marktmechanisme, dat een wisselend beeld kent. Toen mijn oudste zoon 15 jaar geleden naar een middelbare school ging, waren de lycea erg populair en moest hij daar loten. Op dit moment geldt hetzelfde voor de categoriale vwo’s, inclusief gymnasia vanwege de kleinschaligheid. De OSVO stelt minimale eisen aan de kwaliteit van de scholen en tegelijkertijd is de kwaliteit van een school niet het doorslaggevende argument voor de keuze van ouders. Uitbreiding van scholen is vaak niet mogelijk vanwege de huisvesting van deze scholen en ook niet wenselijk, vanwege de gewenste kleinschaligheid en kwaliteit van de school.

Bestuurlijke opdracht van de Cedergroep
Op alle drie de Amsterdamse Cederscholen is dit schooljaar verder gewerkt aan de onderwijskundige profilering van de scholen. Opnieuw blijken het VWO Universalis (HLZ) en Hallo Wereld-concept van het HLW voor ouders en leerlingen aantrekkelijke profielen. Veel ouders hebben onze scholen als eerste voorkeur opgegeven. Daar waar dit niet zo is, wordt gekeken hoe dit komt en hoe dit volgend schooljaar verder verbeterd kan worden. Binnen de Cederscholen worden de brugklasleerlingen gevolgd, ook de leerlingen die vorig schooljaar niet op hun eerste voorkeur geplaatst zijn. Waar nodig, wordt hieraan extra aandacht besteed.

Schaarste zal blijven bestaan in Amsterdam en ook de daarmee samenhangende teleurstelling bij ouders en leerlingen. Maatwerk bieden, is lastig. Alle leden van de OSVO, inclusief ondergetekende zullen dit moeten blijven verwoorden. Binnen de Cedergroep doen we er in ieder geval alles aan om de geplaatste leerlingen uit groep 8 goed te ontvangen en te begeleiden in hun eerste spannende brugklasjaar en de rest van hun vo-carrière.