‘Van en met elkaar leer je het meest’

‘Van en met elkaar leer je het meest’

Bregje van den Berg

2 november 2016

Diederik Dol staat nog maar een paar maanden voor de klas op het HLZ. Bregje van den Berg al veertien jaar. Een gesprek in de docentenkamer. ‘Wilden zij altijd al docent worden? Waar moet volgens hen een goede docent aan voldoen en hebben de ervaren docent en enthousiaste jongeling nog tips voor elkaar?’ Een uitwisseling.

Interview met Bregje van den Berg (42), docent scheikunde/decaan vwo en Diederik Dol (26), docent geschiedenis

Diederik steekt gelijk van wal: “Toen ik jonger was, ging mijn bloed altijd al sneller stromen van het idee kennis over te kunnen dragen, mensen iets bij te mogen brengen. Ik vond het zelf ook altijd heerlijk om dingen te leren.” Bregje begrijpt Diederik onmiddellijk. Zij staat al jaren voor de klas, maar voordat zij daar terecht kwam, hield zij zich bezig met projecten op het gebied van onderwijsontwikkeling. “Ik gaf docenten lesideeën, maar ik had zelf nooit voor de klas gestaan. Daar wilde ik verandering in brengen. Die stage beviel echter zo goed dat ik nooit meer weg ben gegaan. Ik vond het gewoon veel te leuk.”

Natuurlijk overwicht
Inmiddels is Bregje ook decaan, bètacoördinator en begeleidt zij nieuwe docenten op het HLZ. Diederik: “Mooi verhaal zeg. Maar je hart lag dus wel altijd bij het onderwijs?”
“Jazeker”, antwoordt Bregje, “ik heb onlangs een briefje gevonden dat ik schreef toen ik zes jaar oud was. Daar stond op: ‘Later word ik juf. Dan trek ik grote laarzen aan en geef ik mijn leerlingen een schop.’” Diederik lacht. “Geweldig. Ik heb zelf ook heel veel van mijn stage geleerd. Omgang met leerlingen, het algemene klassenmanagement, maar ook hoe ik mezelf naar leerlingen presenteer. Regelmatig heb ik mijn doelen moeten bijstellen”, vertelt Diederik. Bregje herkent dit wel uit haar beginperiode. “Vroeger werd ik echt boos, nu spéél ik dat ik boos word. Dat is gegroeid zonder dat ik er heel bewust mee bezig was. In het begin voelde orde houden als een issue voor mij, nu gaat het vanzelf. En waar dat nu precies aan ligt?” “Heeft het niet te maken met natuurlijk overwicht?”, vraagt Diederik zich hardop af. “Ik denk dat ik natuurlijk overwicht bezit, maar dat zoiets in de loop der jaren moet groeien. Hoe zit dat bij jou?”

Goede begeleiding
Bregje knikt. “Het meest belangrijke is volgens mij dat je dicht bij jezelf blijft. Blijf jezelf trouw! Leerlingen hebben het feilloos door als je een rol speelt. Verder heb ik eigenlijk geen verplichte nummers hoe beginnende docenten het lesgeven aan moeten pakken. Het is een kwestie van doen, proberen, vallen en opstaan. Van en met elkaar leer je het meest.”
Diederik is het helemaal met Bregje eens. “Wij krijgen hier als beginnende docenten op het HLZ heel goede begeleiding. Een begeleider van binnen en buiten de sectie en intervisie met de andere startende docenten. Aan mijn meer ervaren collega’s leg ik meestal heel concrete praktijksituaties voor, dat helpt me echt verder. En soms ben ik ook wel een beetje eigenwijs: een vaste klassenplattegrond hoeft van mij niet per se in elke klas. Van die ervaringen – soms lukt het, soms niet – leer ik ook veel.”

Mensenkennis en humor
Waar moet volgens Diederik en Bregje een goede docent eigenlijk aan voldoen?
Diederik trapt af: “Volgens mij beschikt een ideale docent over mensenkennis, weet hij of zij wat er speelt bij leerlingen en heeft deze een natuurlijk soort gezag.”
“Lijkt me een prima lijstje”, glimlacht Bregje. Zij denkt dat een goede docent bovendien enthousiasme, humor en relativeringsvermogen moet hebben. “En vergeet niet: lol in je vak en hart voor je leerlingen.” Daarin vinden Bregje en Diederik elkaar helemaal. Hebben zij ook nog tips voor elkaar? “Niet zozeer voor Bregje”, legt Diederik uit “maar ik zie dat de oudere generatie zich niet altijd automatisch bedient van alle digitale middelen die beschikbaar zijn. Daar valt nog wel een slag te maken.” Bregje neemt het advies ter harte en vult aan: “Ik snap wat je bedoelt; ik gebruik wel een smartboard, maar meestal gaat mijn mond nog sneller dan dat ik kan werken met een digiboard.” En… heeft Bregje nog een laatste advies voor Diederik? “Ik hoor dat je heel ambitieus bent, dat is natuurlijk prachtig, maar bewaak je grenzen goed.” Diederik neemt de wijze woorden van Bregje ter harte en samen verlaten ze de docentenkamer. De klas wacht.