Kaderbrief klaar

Kaderbrief klaar 9 oktober 2018

De afgelopen weken is de Kaderbrief Financiën opgesteld. Deze brief vormt de opmaat voor de begroting en de uitgangspunten die daaraan ten grondslag liggen voor de scholen in 2019. Controller en teamleider Financiën Marga Heijenk licht toe.

“We gaan natuurlijk uit van een sluitende begroting, maar we hebben ook voorwaarden van buitenaf waarmee we rekening moeten houden. Daarvan is de ontwikkeling van de bekostiging door de overheid de belangrijkste. Voor volgend jaar wordt door de overheid opnieuw een bezuiniging doorgevoerd, een zogenaamde efficiencytaakstelling van 0,38%. Ook de nieuwe cao voor het vo is van belang. Verreweg het grootste deel van de kosten, rond de 80%, betreft personele kosten.

Basis op orde
Daarnaast gaan we in op de beleidsprioriteiten voor het komende jaar. Belangrijkste doel? De basis van de organisatie moet op orde zijn. Denk aan onderwijsopbrengsten zoals bijvoorbeeld de onderbouwsnelheid die op voldoende niveau moeten zijn, de slagingspercentages — gestreefd wordt naar het niveau van het landelijk gemiddelde —, het hanteren van een kwaliteitsagenda, en het voeren van start- en functioneringsgesprekken. Ook kunnen scholen voorstellen doen voor beleidsinvesteringen op de gebieden onderwijsinnovatie, professionalisering, profilering, identiteit en waarden en kwaliteit. De afspraken met de scholen maken ook onderdeel uit van de managementafspraken die elke rector met het CvB maakt. De voortgang van deze afspraken komt aan de orde bij de managementrapportages na elke drie, negen en twaalf maanden.

Ondersteuning
Ten slotte staan de voornemens voor de service en ondersteuning vanuit het Cederbureau in de Kaderbrief. De komende tijd stellen we vast wat binnen elke school aan ondersteuning wordt uitgevoerd en wat gezamenlijk vanuit het bureau. De uitgaven voor het Cederbureau blijven lager dan het afgesproken maximum van 6%. De groei van de uitgaven wordt vrijwel geheel gecompenseerd door een besparing van de loonkosten bij de scholen. Wel treden onderlinge verschillen tussen de scholen op. Deze kunnen bij knelpunten opgevangen worden door een transitiebudget dat net als dit jaar ook komend jaar beschikbaar zal zijn.”